Verslag van try out Er Zal Iemand Komen – “Samen Alleen”

Lex Vesseur & Jelmer Buitenga

Door: Florine Jonker

Hoe breng je onheil op het toneel? Hoe bezorg je je publiek de kriebels, zonder dat het precies weet waarom? Hoe maak je pijn mooi om naar te kijken? De voorstelling NNT RAW III: Er Zal Iemand Komen van regisseur Liliane Brakema biedt een antwoord op deze vragen.

Bij de try-out van het nieuwste project van NNT RAW wordt het verschil tussen een klassieke voorstelling en een theatraal onderzoek direct duidelijk. Een voorstelling hoort “af” te zijn bij de première en niet meer te veranderen, ook al speel je hem 30 keer. Een theatraal onderzoek is nooit af; het blijft altijd veranderen; het is een experiment.

Twee versies van één scène

Tijdens de try-out krijgen we dan ook niet een hele voorstelling te zien, maar twee versies van één scène. Het is een snoepje voor theaterliefhebbers die graag eens inzage krijgen in het hoofd van een theatermaker. Als publiek sta je vaak niet stil bij alle andere keuzes die een regisseur had kunnen maken. Je beoordeelt meestal wat je ziet, zonder echt na te denken over waarom je het leuk, mooi, grappig, ontroerend, saai, stom of ongemakkelijk vond. Zo niet bij NNT RAW III: Er Zal Iemand Komen

In NNT RAW III: Er Zal Iemand Komen wordt je uitgedaagd om na te denken, juist omdat er dingen niet kloppen. Het schuurt, het wringt, het is oncomfortabel om naar te kijken. In de eerste scène die ik zag zat er een groot verschil tussen wat de acteurs deden en wat ze zeiden. Ik zag een man en vrouw die duidelijk met elkaar in gevecht waren. Hij smeet haar op de grond, zij kwam toch weer bij hem terug. Hij greep haar vast, en zij klauwde naar zijn gezicht. Hij schopte haar rollend over de grond, en zij vloog hem naar de keel.

“Hier klopt iets niet”

Het blijkt een nauwkeurig uitgestippelde choreografie die zich wel tien keer herhaalt. Terwijl de twee steeds verder besmeurd raken met de aarde waar ze doorheen rollen, is er een bizar dialoog gaande. Ze vertellen hoe blij ze zijn dat ze eindelijk een huis gekocht hebben waar ze echt samen kunnen zijn. Samen alleen. Zonder anderen. Een huis waar ze elke ochtend samen zullen ontbijten, aan de keukentafel, naast de koelkast die zo oud is. “Ik hou van je, dat weet je toch wel?” zegt hij, terwijl hij aan haar haren trekt. Hier klopt iets niet.

De focus verschuift naar de dialoog

In de tweede versie van deze scène verschuift de focus naar de dialoog over hoe de twee van plan zijn om in hun huisje aan het fjord ‘eindelijk echt samen alleen’ te zijn. Maar (plot twist!) er verschijnt er een derde personage op het toneel. Het stel lijkt hem in eerste instantie niet te zien. De man danst om hen heen. Slaat hen gade. Is hij een geest die door het stille huis rondwaart of een verwijzing naar wat nog komen gaat?

Er wordt in deze scène meer gesproken. Korte fragmenten van een verhaal worden onderbroken door ‘black outs’: het licht gaat uit en de acteurs nemen een andere positie in. Er zit meer tempo in deze scène, er wordt meer gespeeld met zachte, af en toe aanzwellende achtergrondmuziek en boven een deel van het toneel hangt zelfs een echte “regenwolk” waaruit gestaag een zachte miezerregen neerdaalt. Het wordt duidelijk dat de derde figuur de voormalige eigenaar is van het huis. Hij is komen kijken wie het gekocht heeft. Snel blijkt ook waarom dit stel van de wereld weg wilde vluchten. Hoe kil de vrouw deze derde persoon ook behandelt, haar man beschuldigt haar meteen van flirtgedrag en vleierij; de spanning tussen hen neemt toe.

Een onheilspellend gevoel

Wat in beide versies van deze scène goed naar voren kwam, is hoe je op verschillende manieren een onheilspellend gevoel kunt opwekken bij het publiek. Juist door veel meer te zeggen met de handelingen en bewegingen van de acteurs/dansers dan met woorden, ontstaat er een frictie waar je niet omheen kunt, maar waar je ook niet precies je vinger op kunt leggen. Bij mij begon het al helemaal te kriebelen en ik ben benieuwd welke van de twee scènes vanavond gespeeld wordt. Of morgen. Of overmorgen. Misschien ga ik wel drie keer.

Ook iets voor jou?

Ons festivalhart

Ons festivalhart zit dit jaar wederom aan de Oosterstraat 7a, in de steeg achter het Grand Theatre. Kijk om het hoekje en vind ons daar! Dit is hét hart en dé ontmoetingsplek van het festival. Je kunt hier terecht voor een goed gesprek, een drankje en elke avond draait er een DJ. Wat ons betreft kunnen de voeten dus van de vloer! Ook kun je hier terecht met al je vragen bij het infopunt en kun je meteen een kaartje aanschaffen bij de kassa.

Kom gezellig langs voor een kop koffie of een borrel in het café!