Grip op de zaal: Hoe jeugdtheatermakers omgaan met weerstand uit het publiek - Jonge Harten

Grip op de zaal: Hoe jeugdtheatermakers omgaan met weerstand uit het publiek

Grip op de zaal: Hoe jeugdtheatermakers omgaan met weerstand uit het publiek

Tijdens het komende Jonge Harten Festival in november 2026 bundelt een groep jeugdtheatermakers de krachten voor een bijzonder onderzoek. Samen met experts van Kennisplatform Inclusieve Samenleving (KIS) en Verwey-Jonker Instituut duiken zij in een actueel vraagstuk: wat gebeurt er nu echt in de zaal als het publiek reageert? Is er wel sprake van weerstand, of zien we iets anders? En hoe interpreteren we het gedrag en de signalen die we op de tribune tegenkomen? Wat doe je met onverwachte reacties, spanningen en weerstand vanuit de zaal en hoe buig je deze om naar een veilige, open en respectvolle dialoog?

Waarom en waarnaar wordt er onderzoek gedaan?

Theatergroepen merken de laatste jaren een verandering in de interactie met (school)publiek. Reacties uit de zaal kunnen soms fel, ongemakkelijk of afwijzend zijn. Dit kan de veiligheid van zowel de spelers op het podium als de jongeren op de tribunes onder druk zetten en het verloop van de voorstelling belemmeren.

Het onderzoek richt zich op de vraag welke concrete strategieën en aanpakken vóór, tijdens en na een voorstelling werken om de dynamiek in de zaal positief te beïnvloeden. Het doel is ontdekken hoe makers direct kunnen reageren op publieksreacties en van een gesloten of verharde houding kunnen bewegen naar empathie, begrip en verbinding.

Wie doen er mee aan het onderzoek?

Het initiatief is gestart vanuit Studio 52nd, dat eerder heeft geëxperimenteerd met nieuwe vormen van publieksinteractie en zaalbegeleiding. Voor het vervolgonderzoek slaan zij de handen ineen met meerdere prominente partners en gezelschappen:

  • Theatergezelschappen: Studio 52nd, Jonge Harten, Wat We Doen en Het Nationale Theater.
  • Onderzoekers: Experts vanuit Kennisplatform Inclusieve Samenleving (KIS) en het Verwey-Jonker Instituut.
  • Doelgroepen: Spelers, makers, educators, docenten, educatiemedewerkers én de vmbo-leerlingen en mbo-studenten in de zaal.

Hoe ziet het onderzoek er tijdens Jonge Harten uit?

Het Jonge Harten Festival in november dient als een ‘living lab’ waarin gezelschappen bij elkaar in de zaal zitten, data verzamelen en direct van elkaar leren. De dataverzameling in de praktijk bestaat uit:

  • Observaties: Onderzoekers en makers wonen voorstellingen, nagesprekken en voorbereidende lessen bij om publieksreacties nauwkeurig te observeren.
  • Signalen opvangen (cues): Er wordt onderzocht welke subtiele signalen uit de zaal makers opvangen om hun speelstijl of interactie ter plekke aan te passen.
  • Interviews en (groeps)gesprekken: Na afloop vinden er gesprekken plaats met jongeren uit het publiek, docenten, spelers en makers.
  • Tussentijdse reflectiesessies: Spelers en makers bespreken gedurende het festival direct wat er in de zaal gebeurde en welke reacties wel of niet werkten.

Opbrengsten en gesprekken over polarisatie op Jonge Harten

Het onderzoek moet verhelderen welke manieren van reageren op de zaal het beste werken, voor wie en op welk moment. We hopen te ontdekken hoe je een veilige sfeer behoudt én wat er ontstaat als theatermakers hun praktische ervaringen met publieksinteractie onderling uitwisselen. Tijdens het festival zullen er twee gesprekken over polarisatie plaatsvinden waarbij uitkomsten over dit onderzoek worden gedeeld.